Bij blindwantsen ontbreken de ocelli (puntogen).
Agnocoris spec
De soort is niet op naam te brengen. Het gaat in dit geval om de Bruine kortsprietwants of de Valse bruine kortsprietwants.
Behaarde schaduwwants (Lygus rugulipennis)
Generaties: 2
Overwintering: als imago
Bonte geelschild (Campyloneura virgula)
Waarneembaar: mei t/m augustus
Biotoop: Bosranden, houtwallen, tuinen en parken
Overwintering: als ei
Voedsel: o.a. bladluizen en mijten
Brandnetelblindwants (Liocoris tripustulatus)
Waarneembaar: Heel het jaar. Nieuwe generatie vanaf juni.
Generaties: 1
Biotoop: brandnetel.
Overwintering: als imago.
Voedsel: grote en kleine brandnetel
Eikenbleekpoot (Phylus melanocephalus)
De soort leeft op eik.
Volwassen exemplaren zijn te zien van mei t/m augustus. Er is per jaar 1 generatie.
Overwintering: als ei.
Gebogen blindwants (Charagochilus gyllenhalii)
Vanaf juni zijn de volwassen wantsen te vinden.
Ze zijn te vinden op warme, redelijke droge plekken.
Overwintering: als imago
Gele viervlekwants (Dryophilocoris flavoquadrimaculatus)
Ze leven op eik in bosranden, op houtwallen, in parken en tuinen.
De volwassen exemplaren zijn te vinden van april t/m juni in 1 generatie.
Overwintering: als ei.
Geribde prachtblindwants (Miris striatus)
Gestreepte eikenblindwants (Rhabdomiris striatellus)
Ze leven op eik en worden als volwassen exemplaar waargenomen tussen eind april en juli.
Generaties: 1
Overwintering: als ei
Groene appelschaduwwants (Lygocoris pabulinus)
Generaties: 2
Overwintering: als ei in twijgen of houtige gewassen
Grote bonte graswants (Leptopterna dolabrata)
De soort leeft in plekken met vochtig en hoog gras.
De volwassen exemplaren zijn te zien van mei t/m augustus, in รฉรฉn generatie.
Overwintering: als ei. Deze worden onder aan het gras gelegd.
Loofboomhalsbandwants (Deraeocoris lutescens)
Luzernesierblindwants (Adelphocoris lineolatus)
Ze komen voor in droge en vochtige biotopen. Ze zijn daar te vinden op vlinderbloemen die op zonnige plekken staan.
Ze zijn als imago te zien van eind mei t/m eind oktober in รฉรฉn generatie.
Overwintering: als ei.
Streepdijblindwants (Plagiognathus arbustorum)
Een soort die in kruidenrijke vegetatie gevonden kan worden.
De soort is als imago te zien van juni t/m september.
Overwintering: als ei.
Tweedoornsmallijf (Stenodema calcarata)
Generaties: 2
Vliegtijd: mei t/m augustus, najaar
Biotoop: vochtige plaatsen met gras.
Overwintering: volwassen exemplaar (ei-afzetting rond april)
Voorjaarseikenblindwants (Harpocera thoracica)
Ze komen voor in bossen, houtwallen, tuinen en parken.
De volwassen exemplaren zijn te zien tussen april en juni.
Overwintering: als ei.
Weideschaduwwants (Lygus pratensis)
Een soort die in meerdere soorten biotopen gevonden kan worden, zoals bosranden, bermen en akkers.
In een jaar zijn er 1 of 2 generaties. De eerste generatie tref je aan vanaf juni. Als er een tweede generatie is dan zijn die te vinden vanaf september.
Overwintering: als volwassen exemplaar.
