Boktorren hebben een langwerpig lichaam met langwerpige poten. Een belangrijk kenmerk van boktorren en ze onderscheid van andere soorten kevers zijn de zeer lange tasters. Vaak zijn de tasters net zo lang als het lichaam.
Bonte ribbelboktor (Rhagium bifasciatum)
Geringelde smalboktor (Rutpela maculata)
De soort komt voor op de zandgronden in bos- en akkerlanden.
Vliegtijd: half mei tot augustus.
Gevlekte smalboktor (Leptura quadrifasciata)
Met uitzondering van de Waddeneilanden en vrijwal afwezig in Zeeland, een algemene soort.
Ze leven in vochtige gebieden met wilg en populier.
Vliegtijd: juli t/m september
Gewone bloesemboktor (Grammoptera ruficornis)
Met uitzondering van de Waddeneilanden komen ze in heel Nederland voor.
Ze leven in bossen, parken en tuinen.
Vliegtijd: april t/m juli
Gewone distelboktor (Agapanthia villosoviridescens)
De soort komt voor op distels en brandnetels.
Vliegtijd: mei t/m augustus
Gewone smalboktor (Sticloteptura rubra)
De soort komt met name voor op de hogere zandgronden. Ze leven op naaldbomen in bossen.
Vliegtijd: juni t/m september
Grijze ribbelboktor (Rhagium inquisitor)
De soort komt voor op hogere zandgronden.
Ze leven voornamelijk op dode stammen van de den.
Vliegtijd: april t/m juni
Ingekeepte smalboktor (Pseudovadonia livida)
De soort leeft in bermen, akkerlanden en rudelaar terrein.
Vliegtijd: mei t/m augustus
Kleine wespenboktor (Clytus arietis)
De soort is zeer algemeen in Nederland. Ze leven gekapte bomen, houtstapels en dode takken. Ze komen ook voor in oude boomgaarden.
Vliegtijd: eind april t/m juli
Kortsprietboktor (Asemum striatum)
De soort komt nog voor op de zandgronden (vrij zeldzaam).
Ze leven op houtstapels, en dode stammen in naaldbossen.
Vliegtijd: mei en juni (in de schemer)
Oogvlekboktor (Oberea oculata)
Slanke smalboktor (Strangalia attenuata)
Tweekleurig smalboktor (Stenurella melanura)
De soort leeft vooral op de hogere zandgronden. Ze komen daar voor langs bosranden met vochtig dood hout.
Vliegtijd: juni en juli
Vuurboktor (Pyrrhidium sanguineum)
